Río Dílar
De weg omhoog
We reden weg vanuit Monachil, steeds verder de bergen in, waarbij de weg zich bocht na bocht omhoog slingerde en het landschap langzaam van karakter veranderde. Het was zo’n typische winterlucht: niet strakblauw, maar vol beweging. Wolken dreven voorbij, het licht was zacht en in de verte zagen we bergtoppen met een witte rand van sneeuw. Ook langs de weg lag hier en daar nog een dun laagje — een stille bevestiging dat we inmiddels behoorlijk hoog zaten.
Af en toe vroegen we ons hardop af of we hier wel mochten rijden. De weg was smal, rustig en voelde bijna verlaten, maar telkens verscheen er toch weer even een auto. Dat was genoeg. Dit klopte. We waren op de juiste weg.
Een route op het horloge
Eenmaal aangekomen maakten we ons klaar voor de wandeling. Op mijn horloge stond een ronde van Komoot, richting de Río Dílar en een waterval verderop. We hadden dus een route, een duidelijke lijn om te volgen.
Wat we toen nog niet konden overzien, was wat deze tocht onderweg van ons zou vragen — fysiek, mentaal en emotioneel.
Afdalen in stilte
We begonnen te lopen en daalden langzaam af, steeds verder weg van alles wat vertrouwd voelde. Met elke stap werd het stiller. Geen verkeer meer, geen stemmen — alleen onze voetstappen, de wind en ergens, onregelmatig, het geluid van water.
De rivier liet zich eerst horen voordat we haar zagen. Soms dichtbij, dan weer verder weg, alsof ze ons lokte maar zich nog niet helemaal wilde tonen.
Sporen van leven
Onderweg zagen we steeds vaker sporen van dieren. Afdrukken in de aarde, platgetrapt gras, kleine tekenen van leven om ons heen. En toen, hoog op de rotsen, verschenen de eerste kleine berggeitjes. Snel en alert bewogen ze zich door het landschap, volkomen op hun plek, alsof wij er nauwelijks toe deden.
Het voelde bijzonder om hier te lopen — niet als bezoeker, maar als iemand die er even doorheen mocht.
Teruggaan voelde geen optie
Tijdens de afdaling kwamen we op een punt waar we automatisch langzamer gingen lopen. Het pad werd rommeliger, de stenen losser en voor ons leek het spoor even te verdwijnen. We bleven staan, keken om ons heen en voelden dat teruggaan eigenlijk geen optie meer was. We waren al te ver afgedaald.
Dus deden we wat we tot dan toe ook hadden gedaan: blijven kijken, blijven voelen en stap voor stap verdergaan. Na wat zoeken vonden we het pad weer terug.
Wat daarbij onmogelijk te missen was, was de enorme hoeveelheid berggeitenpoep. Overal. Het was bijna komisch, maar tegelijk ook veelzeggend. Dit was geen aangelegde route. Dit was natuur, gebruikt door dieren — en nu ook door ons.
Beneden bij de rivier
Langzaam veranderde de omgeving. Het geluid werd voller en krachtiger, en toen was hij er ineens: de Río Dílar. Beneden aangekomen, zichtbaar en aanwezig, stromend door het landschap alsof hij hier altijd al had gehoord.
Even van de route af
Op mijn horloge wist ik dat we voor de waterval even van de ronde moesten afwijken. Geen groot omweggetje, maar wel een bewuste keuze. We liepen door tot we water zagen en merkten dat het pad aan de overkant verder liep.
We stopten, overlegden en besloten eerst langs de rivier te lopen, in de hoop het oversteken nog even te kunnen vermijden.
Langs de oever bleven we stappen tot onze blik bleef hangen op iets in het gras: een schedel. Natuurlijk stonden we stil. Keken. Bewonderden. De natuur liet hier niets verborgen.
Maar verder konden we niet. Het pad hield hier echt op.
De eerste oversteek
Het was duidelijk: of we gingen terug, of we moesten het water over. We besloten het te proberen — en het lukte. Zonder natte voeten stonden we aan de overkant, even met dat korte gevoel alsof we gewonnen hadden.
Dat gevoel hield niet lang stand.
Even vooruit kijken
Na die eerste oversteek liepen we door, met het idee dat het misschien toch zou lukken. Op mijn horloge zag ik dat we niet ver meer van de waterval af zouden zijn, maar het terrein bleef onrustig aanvoelen. Het water bleef dichtbij, het pad onduidelijk.
Op een gegeven moment besloten we het anders aan te pakken. Danny liep alleen alvast vooruit, om polshoogte te nemen. Even kijken of het pad daar echt doorliep, of dat de waterval al in zicht was. Wij bleven achter, luisterden naar het water en zagen hoe hij langzaam kleiner werd in het landschap.
De tijd tikte door.
Toen Danny terugkwam, schudde hij zijn hoofd. Hij had niets gezien. Geen duidelijk pad, geen waterval, geen logische doorgang. Dat was het moment waarop het besef indaagde dat deze omweg ons meer kostte dan opleverde.
We draaiden om.
Grote bokken in stilte
Terwijl we terugliepen richting onze ronde, hoorden we opnieuw beweging. Dit keer niet hoog en snel, maar zwaarder, rustiger. We bleven staan en keken omhoog.
En daar stonden ze.
Grote bokken, met indrukwekkende horens, stevig en krachtig, alsof ze hier al eeuwen thuishoorden. Ze stonden stil, keken ons aan en leken totaal niet onder de indruk van onze aanwezigheid.
Het was zo’n moment waarop alles even samenkwam. De vermoeidheid, de spanning, maar ook het besef waar we ons bevonden: midden in het leefgebied van dieren die hier moeiteloos bewegen.
We stonden even stil.
Keken.
Wauw.
En daarna liepen we verder, wetend dat de tijd begon te dringen.
Natte voeten en tijdsdruk
Niet veel later stonden we opnieuw voor water. En nog eens. De stenen waren glad, het water koud en op een gegeven moment lukte het simpelweg niet meer om droog te blijven. We gleden uit en kregen natte voeten.
De tijd tikte door.
Het breekpunt
Daar, diep in het dal, werd het voor Sem te veel. De vermoeidheid, de spanning en het niet weten hoe we hier ooit weer uit zouden komen, kwamen samen. Hij begon te huilen en zag het even echt niet meer zitten.
We liepen door, omdat stilstaan geen optie voelde.
En toen stopte hij ineens.
Kijk, zei hij, terwijl hij een hartjessteen omhoog hield.
Ik keek hem aan en zei dat dit een teken was. Dat dit betekende dat hij door moest. En dat het goed zou komen. Die steen bleef bij hem.
Groene stippen en twijfel
We gingen verder, inmiddels moe, niet door de hoogte maar door het eindeloze oversteken van de rivier. Parallel lopen was geen optie; alles was dichtbegroeid.
Evy liep voorop en zag ineens groene stippen. Route-aanduiding. Dat kleine detail bracht even rust. Iemand had deze route eerder gelopen. Dit bestond.
En toch bleef de twijfel.
Pijlen, water en de waterval
Even later stonden we bij een punt waar twee groene pijlen duidelijk naar rechts wezen, terwijl het pad rechtdoor leek te lopen. We probeerden eerst dat pad, maar het klopte niet. Dus keerden we om en volgden de pijlen.
We staken opnieuw het water over — Danny ging erin staan zodat wij veilig konden oversteken — maar mijn horloge liet iets anders zien. De lijn liep anders dan waar wij waren.
En toen hoorden we het. Een zwaarder watergeluid.
Kijk jongens, riep Danny. De waterval.
Hij was prachtig. Maar eerlijk: ik was op. We konden daar niet verder en in plaats van genieten dacht ik alleen nog maar: hoe komen we hier weer weg? Ik maakte een te snelle foto en nam te weinig tijd om echt te kijken.
Het pad dat Sem zag
En toen riep Sem.
Hij wees omhoog en zei dat daarboven een wit pad liep, dat we dáár heen moesten. We moesten terug door het water en dit keer nam Danny ons zelfs op zijn rug. De pijlen wezen die kant op, maar het pad leek op te houden.
Ik was kapot — lichamelijk en emotioneel — en wilde naar huis. Ik zag het even niet meer zitten.
Danny bleef rustig. Hij zei dat het goed kwam. Dat we door moesten. Dat Sem een pad had gezien.
Ik keek op mijn horloge. De lijn kwam overeen.
Ja mama, zei Sem. Dit is het pad dat ik zag.
Steil omhoog
We gingen omhoog. Steil, zwaar en slopend. Mijn benen waren op, mijn hoofd eigenlijk ook. De spanning van het dal zat nog in mijn lijf en elke stap omhoog voelde alsof hij meer vroeg dan ik nog had.
Dit zijn de momenten waarop ik zelf zou stoppen.
Waarop ik zou zeggen: dit hoeft niet meer.
Maar Danny niet.
Hij bleef gaan. Rustig. Vastberaden. Alsof hij wist dat stilstaan nu geen optie was. Hij keek vooruit, bleef praten, bleef bewegen — en trok ons daarmee mee. Niet door te duwen, maar door te laten zien dat doorgaan mogelijk was, ook als je het zelf even niet meer voelde.
Nog nooit heb ik tijdens een wandeling zóveel levende dieren gezien. Op een vreemd moment, midden in die uitputting, zag ik mezelf daar zelfs slapen, zo diep zaten we erin. En toch gingen we verder. Omdat Danny dat deed. Omdat hij bleef geloven dat er weer ruimte zou komen.
En langzaam gebeurde dat ook.
Het landschap begon te veranderen. Het pad werd breder, de uitzichten opener en het licht zachter. Met elke meter omhoog kwam er iets terug — adem, overzicht, vertrouwen.
Het paaltje
En toen zagen we het: een paaltje met route-aanduiding.
Dit zat goed.
Ruimte, licht en thuiskomen
Vanaf dat moment voelde ik me weer op mijn gemak. Ik begon opnieuw foto’s te maken — van ons, van het uitzicht. De zon brak door en legde een warme gloed over de bergen. Het pad was niet langer moeilijk begaanbaar.
Het was gewoon… prachtig.
We stapten door.
En toen stond hij daar: de auto.
Dat moment waarop alles van je afvalt. Waarop je weet dat je er bent. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal.
Samen.
Wat bleef
Deze wandeling gaf veel. Mooie beelden, intense momenten en een belangrijke les.
Vertrek op tijd, zeker in ruw en onvoorspelbaar landschap. Wij hebben ons hier deze keer op verkeken. Het is goed gekomen — gelukkig — maar het had ook anders kunnen lopen.
Uiteindelijk liepen we volgens mijn horloge 10,4 kilometer. Kilometers die niet alleen in de benen zitten, maar ook in het hart.
Sommige wandelingen draag je niet omdat ze makkelijk waren,
maar omdat je onderweg hebt geleerd te blijven gaan.
Samen.
Dit was hem dan, mijn eerlijke verhaal over onze wandeling bij de Río Dílar. Ons verhaal stopt hier niet, er volgt nog zoveel meer te vertellen. Volg ons daarom via de socials om op de hoogte te blijven. We zien je graag terug.
Hasta luego Nicole.
“Deze blog deelt onze persoonlijke ervaringen met verhuizen naar en wonen in Spanje. Regels en procedures kunnen verschillen per regio en per situatie. Wij zijn geen officieel adviesbureau. Waar onze kennis ophoudt, schakelen we zelf ook hulp in. Gebruik onze verhalen dus vooral als inspiratie, maar baseer je keuzes altijd op jouw eigen situatie.”
